Naar inhoud

Jake Porway, Datakind.org: “Open data laat iedereen meedenken over jouw uitdaging”

KOPENHAGEN #tduniv - Veel bedrijven zijn heel geheimzinnig over de data die ze hebben verzameld en hoe ze deze data gebruiken om competitief voordeel te behouden. Het vrijgeven van data, ook wel open data genoemd, druist volgens veel bedrijven in tegen het idee dat analyse en inzet van grote hoeveelheden data kan leiden tot succes. Jake Porway, datascientist bij nonprofit organisatie Datakind.org, vindt dat logisch, maar jammer. “Als je data openstelt, kun je anderen laten meedenken hoe jij beter kan werken of zelfs de mensheid verder kan helpen.” Customer Talk sprak met hem tijdens de gebruikersconferentie van softwareleverancier Teradata.

Open data betekent het beschikbaar stellen van data voor de buitenwereld, opdat met jouw data uitdagingen getackeld of innovatieve oplossingen aandragen kunnen worden. Steeds vaker wordt informatie en verzamelde gegevens van overheidsorganisaties, bedrijven en nonprofits opengesteld, zodat datawetenschappers met de data aan de slag kunnen gaan en een nieuw doel kunnen vinden voor de data. Denk daarbij bijvoorbeeld aan mobiele telefoniedata uit Afrika die gebruikt worden voor het vinden van patronen die gebrek aan schoon drinkwater kunnen aanwijzen. Of sociale media data over afval die gebruikt worden om aan te tonen welke plekken in jouw gemeente het meest vervuild zijn.

Competitief voordeel

Toch is het zeker in de commerciële wereld geen gemeengoed. Organisaties houden data vooral voor zichzelf, omdat data competitief voordeel leveren en omdat de inzet van data meer omzet kan genereren, zo vertelt Jake Porway, datascientist bij nonprofitorganisatie Datakind.org, aan Customer Talk tijdens de gebruikersconferentie Teradata Universe. Aan de andere kant is (big) data een relatief nieuw vakgebied, waar bedrijven nog hun zorgen over hebben. Zij zijn bang dat ze het niet op de goede manier aanpakken.

Porway was eerder werkzaam bij New York Times als datawetenschapper, waar hij met andere analisten werkte aan de toekomst van de journalistiek. Hij was echter gefrustreerd over de grote hoeveelheid data die beschikbaar zijn, maar niet ingezet worden voor hogere doeleinden waar de maatschappij en zelfs de wereld voordeel uit kunnen behalen. Zeker gezien dat datawetenschappers, zoals hijzelf, graag ook in hun vrije tijd werken met data en door middel van hackathons nieuwe oplossingen willen zoeken voor problemen.

“Veel bedrijven houden hun data geheim door het gevaar dat andere mensen of bedrijven zien wat jij fout doet”, aldus Porway. Toch kan het openstellen van data erg lucratief zijn voor bedrijven, neem als voorbeeld Nike: het schoenenmerk wilde groener en efficiënter produceren en stelde daarvoor data beschikbaar over hun productieproces. Datawetenschappers gingen aan de slag met de informatie en keken hoe het proces efficiënter kon. Uiteindelijk heeft dat veel efficiëntie voordelen opgeleverd voor Nike.

Zoek een reden

“Het voelt beschamend voor sommige bedrijven”, vertelt Porway, “maar open data kan leiden tot innovatie” Om de angst te overkomen, is het belangrijk dat er een reden wordt geïdentificeerd waarom open data kan helpen. Dat kan een business case zijn, maar ook voor filosofische of pr-redenen gebeuren. Daar komt bij dat open data niet betekent dat je alle data beschikbaar stelt. Je moet je juist afvragen welke data bijdragen aan het oplossen van het probleem waar je mee zit.

Het oplossen van de problemen door middel van data zal niet zonder vallen en opstaan gaan. Om nieuwe verbanden te vinden en datawetenschappers in hun kracht in te zetten, is experimenteren key en daar hoort mislukking bij. Porway noemt daarom ook het gezegde “fail fast”. Zeker als je een hackathon organiseert, een bijeenkomst waar datawetenschappers ter plekke aan de slag gaan om samen verschillende oplossingen te ontwikkelen, zal niet elke oplossing even bruikbaar zijn.

Medicmobile, een nonprofitorganisatie die vaccinaties aanbiedt aan zorgorganisaties in Afrika, vroeg Datakind.org om te kijken naar de data van wat zij noemen 'de koude keten'. Vaccinaties moeten namelijk op een bepaalde temperatuur blijven, anders zijn ze niet meer goed. Om de vaccinaties te volgen is een Android telefoon toegevoegd aan de koelkist die van boot, naar vrachtwagen, naar auto en kliniek wordt verplaatst. Vandaar de naam 'koude keten'.

“Moet je voorstellen hoeveel data daardoor wordt verzameld! Datawetenschappers van onder andere the New York Times en Bit.ly helpen mee om te begrijpen welke inzichten we nog meer uit deze data kunnen halen. Bijvoorbeeld: welke route is het meest betrouwbaar? Welk type koelkast kan het best gebruikt worden? Welke tijden zijn het best? We zijn net begonnen, maar we zien nu al patronen die geld kunnen besparen, de processen efficiënter kunnen maken en de wereld gezonder.”

Gedreven door data in plaats van metrics

Waar datawetenschappers vooral een bijdrage kunnen leveren, is een omslag maken van metrics gedreven naar data gedreven, aldus Porway. Dat is belangrijk omdat met metrics je zicht erg beperkt is, terwijl als je uitgaat van data, veel meer inzichten te vinden zijn. Als voorbeeld noemt Porway nonprofitorganisatie in Uganda Grameen. Deze organisatie schakelde tussenpersonen in die met een mobiele telefoon naar lokale boeren ging om te kijken welke informatie ze nodig hadden. De metric die ze hadden ingesteld om te kijken welke tussenpersonen succesvol waren, was: hoeveel vragen stuurt een tussenpersoon op.

Uit de metric kwamen een aantal tussenpersonen als zeer succesvol uit de bus. Echter, na verdere inspectie bleek dat de aantallen abnormaal hoog waren, wat doelde op een fout bij die tussenpersonen. Hoewel de metric dus succesvolle tussenpersonen leek aan te wijzen, lieten de datawetenschappers zien dat de cijfers hier niet veel waarde hadden. Liever stuurden ze op hoeveel unieke boeren bereikt waren of welke afstanden afgelegd waren. Dat bedoelt Porway met gedreven worden door data: als je de informatie leidend maakt, komen er steeds meer vragen naar boven die beantwoord kunnen worden met de gegevens. 

Uiteraard ziet Porway hierin een grote rol weggelegd voor datawetenschappers, maar het probleem, waar tijdens het gebruikersevenement van softwareleverancier Teradata vaker over gesproken werd, is het tekort aan dit soort geschoolde mensen. De oplossing? Natuurlijk: open data. “Datascientists zijn het liefst de hele dag en nacht aan het werk met data”, besluit Porway. “Het is natuurlijk leuk om de problemen waar datawetenschappers tegenaan lopen op te lossen, nog mooier is het als de data wordt opengesteld voor het verbeteren van de wereld.”

Bron: Customer Talk
0

Reacties

Logo CustomerTalk

Cookie-instellingen

CustomerTalk maakt gebruik van cookies voor een optimale gebruikerservaring.

Graag vragen wij je toestemming voor het plaatsen van deze cookies.

Accepteren Meer informatie