Naar inhoud

De keerzijde van een nieuw businessmodel: winst Uber alles

De digitalisering heeft ons platformen als Airbnb, Facebook en Uber gebracht. Dit zijn bedrijven die kamers verhuren zonder onroerend goed te bezitten, content aanbieden zonder redacteurs in dienst te hebben of vervoer regelen zonder zelf over auto’s te beschikken. Voor de medewerkers van ondernemingen als Uber, die op aanvraag – on-demand – leveren, is het groot belang hoe deze diensten worden geclassificeerd. De categorie waarin dat bedrijf zichzelf nu ingediend wil zien, is moreel en juridisch twijfelachtig.

Dat blijkt uit een nieuw onderzoek van Magdalena Cholakova en Joep Cornelissen van de Rotterdam School of Management (RSM), een onderdeel van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Zij hebben onderzocht of het gerechtvaardigd is dat Uber werknemers als zelfstandig wil omschrijven in plaats van als in loondienst. De onderzoeksresultaten zijn vastgelegd in het artikel ‘Profits Uber everything? The gig economy and the morality of category work’ in Strategic Organization.

Het classificeren van een bedrijf in een bepaalde categorie heeft verstrekkende gevolgen voor de regelgeving, sociale gelijkheid en welvaart. Daarom vinden de onderzoekers dat deze classificatie bekeken moeten worden vanuit zowel een politieke als morele invalshoek. Met behulp van bedrijfsretoriek en juridisch jargon doet Uber het voorkomen dat de categorie waarin het zich wil classificeren heel vanzelfsprekend is. De boete van 649 miljoen dollar – ongeveer 585 miljoen euro – die Uber kreeg van de rechter in New Jersey omdat het chauffeurs niet als werknemers aanduidde, laat zien dat deze classificatie niet zo vanzelfsprekend is.

Classificatie van een nieuwe categorie werknemers

Het onderzoek van Magdalena Cholakova en Joep Cornelissen toont aan dat Uber ernaar streeft een nieuwe categorie van zelfstandigen te creëren, zodat de organisatie af kan zien van enige vorm van verantwoordelijkheid voor werknemers op het gebied van sociale zekerheid, bescherming en redelijk loon. De vraag is of het maatschappelijk acceptabel is als een bedrijf zich als platform manifesteert – en via een app optreedt als bemiddelaar tussen klantverzoeken en werkzaamheden – en zich daarmee ontdoet van arbeidswetgeving en verantwoordelijkheid.

De argumenten die Uber ter rechtvaardiging gebruikt, zijn discutabel. Voorstanders van een zelfstandigenstatus, in plaats van een werknemersstatus, wijzen er bijvoorbeeld op dat het aantal werkuren niet te meten is. Een ander argument van voorstanders is dat werknemers met meerdere apps tegelijk bezig kunnen zijn, waardoor het moeilijk is om uren toe te schrijven aan een enkele werkgever.

Magdalena Cholakova en Joep Cornelissen stellen juist dat Uber chauffeurs actief aanstuurt, zelfs gedurende inactieve uren. Van hen wordt immers verwacht dat ze een rit binnen 15 seconden accepteren, zonder de exacte locatie of beloning te weten. Omdat chauffeurs het risico lopen te worden afgedankt als ze een rit weigeren, kunnen er vraagtekens gezet worden bij de hoeveelheid vrijheid die zij echt hebben.

“Wij vinden de redenering ten gunste van een nieuwe categorie zelfstandigen oneerlijk en verwachten een negatief netto-effect voor de samenleving”, stelt Magdalena Cholakova. “Deze nieuwe categorie ondermijnt het naoorlogse ideaal van de arbeidsrelatie die werknemers steun en bescherming biedt. Als deze nieuwe categorie wereldwijd ingang vindt, schaadt dit niet alleen individuele arbeidskrachten, ook kan er een nieuwe groep slecht betaalde werkenden zonder arbeidszekerheid ontstaan – met materiële en psychologische schade tot gevolg.”

Meer maatschappelijke aandacht voor de impact van gig-bedrijven

De onderzoekers pleiten voor meer aandacht en toezicht op lobbyactiviteiten, advertenties en juridische argumenten die de zogeheten gig-bedrijven inzetten om hun bedrijf in de gewenste categorie te krijgen. Gig-bedrijven functioneren alsof hun werknemers zelfstandigen zijn en zorgen er ook voor dat hun taalgebruik hierop aansluit en doen alsof de categorie al geïnstitutionaliseerd is. Ondernemingen als Deliveroo en Foodora doen er alles aan om ervoor te zorgen dat er geen onderdelen in de omschrijving van hun bedrijf staan waarmee zij vermeend ten onrechte kunnen worden gecategoriseerd als traditionele werkgevers in de sector maaltijdbezorging.

Terwijl deze klassieke gig-bedrijven hun eigen classificatie toepassen, zien we dat andere bedrijven, die hun personeel altijd als werknemers classificeerden, nu ook het etiket zelfstandige willen gebruiken om hetzelfde economisch voordeel te kunnen behalen. “Deze ontwikkelingen zouden genoeg redenen voor beleidsmakers, wetgevers en onderzoekers moeten zijn om te werken aan een eerlijke classificatie voor werknemers van bedrijven als Uber”, duidt Joep Cornelissen. “Dit is nodig om ervoor te zorgen dat het geen winst Uber alles wordt.”

Bron: CustomerTalk
0
Logo CustomerTalk

Cookie-instellingen

CustomerTalk maakt gebruik van cookies voor een optimale gebruikerservaring.

Graag vragen wij je toestemming voor het plaatsen van deze cookies.

Accepteren Meer informatie