Naar inhoud

Nederlands recht niet klaar voor data-gedreven samenleving

Terwijl steeds meer bedrijven en overheidsorganisaties gebruikmaken van big data, biedt het Nederlands recht onvoldoende bescherming tegen de negatieve gevolgen daarvan. Big data-projecten worden soms gestart zonder goed plan of evaluatie achteraf, zijn delen van het big data -proces ongereguleerd en soms is het onmogelijk om belangrijke gevolgen van big data-processen aan de rechter voor te leggen.


Data-gedreven samenleving

Dat blijkt uit een groot internationaal onderzoek dat is uitgevoerd door onderzoekers van Tilburg University. Bart van der Sloot en Sascha van Schendel, respectievelijk senior researcher en junior researcher bij het Tilburg Institute for Law, Technology and Society (TILT), hebben in opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het Ministerie van Justitie drie jaar lang onderzoek verricht naar de ontwikkelingen van big data, in hoeverre het Nederlands recht voldoende bescherming biedt en wat er kan worden geleerd van de rechtsbescherming in andere landen.

Nederlands recht

Ook zijn er diepte-interviews gehouden met 15 sleutelfiguren in Nederland, zoals Ybo Buruma van de Hoge Raad, Aleid Wolfsen van de Autoriteit Persoonsgegevens, de Nationale Ombudsman Reinier van Zutphen en schrijver en publicist Maxim Februari. De bevindingen van de onderzoekers zijn vastgelegd in het rapport ‘De Modernisering van het Nederlands Procesrecht in het licht van Big Data: Procedurele waarborgen en een goede toegang tot het recht als randvoorwaarden voor een data-gedreven samenleving’. Het onderzoeksrapport bouwt voort op het rapport ‘Big Data in een vrije en veilige samenleving’ van de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid uit 2016, waaraan beide onderzoekers hebben meegeschreven.

Big data-tijdperk

Na drie jaar hebben de onderzoekers een vuistdik rapport afgeleverd. Daaruit blijkt dat, alhoewel Nederland inzet op een steeds grotere rol voor data-gedreven processen binnen de overheid en het bedrijfsleven, het rechtstelsel nog niet klaar is voor het big data-tijdperk. Daarom doen de onderzoekers dertien suggesties om de juridische randvoorwaarden voor deze ontwikkeling te verankeren in wet- en regelgeving, waardoor sterke procedurele waarborgen, een goede toegang tot het recht en de bescherming van belangrijke maatschappelijke waarden ook in de data-gedreven samenleving worden gegarandeerd.

Juridische randvoorwaarden

Bart van der Sloot, die het project heeft gecoördineerd, noemt drie punten essentieel:

  1. Het Nederlands recht is erg sterk gericht op de schade van individuele burgers, terwijl big data-projecten vaak grote maatschappelijke gevolgen hebben die het individu overstijgen en waarvan burgers zich dus vaak niet bewust zijn. Die gevolgen zijn nu niet of nauwelijks aan te kaarten bij de rechter.
  2. Pas als er besluiten worden genomen op basis van big data-analyses, kunnen burgers en organisaties naar de rechter stappen. Maar ook met de analyse van de gegevens zelf gaat het nodige mis, terwijl er nauwelijks controle en toezicht is op hoe die analyses worden uitgevoerd en of ze wel betrouwbaar zijn.
  3. Big data-projecten worden vaak gestart uit een data-enthousiasme, maar achteraf niet goed geëvalueerd om te kijken of ze wel hun vruchten hebben afgeworpen. Dat leidt tot een slechte besteding van middelen en een hoop onnodig verzamelde gegevens over burgers en groepen in de samenleving.
Bron: CustomerTalk
0
Logo CustomerTalk

Cookie-instellingen

CustomerTalk maakt gebruik van cookies voor een optimale gebruikerservaring.

Graag vragen wij je toestemming voor het plaatsen van deze cookies.

Accepteren Meer informatie